Risico's en Verzorging

Als een piercing is gezet door een professional en de gepiercede zich netjes houdt aan de nazorginstructies, zijn de risico's van een piercing niet erg groot. Bij een professionele piercer wordt een piercing gezet in een schone omgeving, met steriel gereedschap en een steriele naald voor eenmalig gebruik. In deze omgeving is de kans op het oplopen van een virale of bacteriële infectie minimaal. Het sieraad dat in een nieuwe piercing wordt geplaatst is van titanium of chirurgisch staal.

Een nieuwe piercing kan tijdens het genezingsproces gaan ontsteken of in het slechtste geval afstoten. Het is heel belangrijk dat men zich nauwkeurig houdt aan de nazorginstructies om problemen te voorkomen. Dit betekent twee keer per dag voorzichtig schoonmaken met milde antibacteriële zeep of weken in een zoutoplossing. Daarbuiten moet men de piercing niet meer aanraken dan absoluut noodzakelijk en zeker niet met ongewassen handen. Een verse piercing is een open wond en moet als zodanig behandeld worden. Als de piercing gaat ontsteken, mag men het sieraad onder geen voorwaarde zelf uitnemen – men dient contact op te nemen met de huisarts om advies te vragen. In dit geval mogen piercers officieel van de GGD geen advies geven omdat zij niet medisch geschoold zijn. Indien nodig kan een kleiner sieraad worden verwisseld tegen een groter of langer sieraad, opdat er meer ruimte is voor een zwelling.

Piercings in de mond kunnen tanden en tandvlees beschadigen. Als ze echter goed worden geplaatst en er niet met de piercing wordt "gespeeld" is dat risico minimaal. Oppervlaktepiercings en piercings op beweeglijke plekken zoals de navel groeien makkelijker uit en genezen langzaam. Afstoting van een piercing kan littekens veroorzaken. Voor piercings in de mond zijn er speciale nazorg producten zoals antibacteriëel mondwater.

Het laten schieten van een piercing of oorbel brengt aanzienlijk meer risico's met zich mee. Toch is het in sommige gevallen toegestaan zoals in de neusvleugel en het dunne kraakbeen onder de kraakbeenrand van het oor. Dikke delen van het kraakbeen, zoals de tragus of de krul boven in het oor, mogen onder geen beding geschoten worden, dit kan risico's en complicaties opbrengen door versplinterend kraakbeen. De GGD heeft hier specifieke richtlijnen voor en keurt sinds 2007 ook iedereen die piercet met een instrument (schietpistool). De schietinstrumenten van tegenwoordig zijn beduidend anders dan vroeger. Zo deed men vroeger ongesteriliseerde sieraden in het instrument en kwam het instrument in contact met de huid. Tegenwoordig zitten de schietknopjes in steriele cartrigdes en komt het instrument zo niet meer makkelijk in aanraking met de huid.

Enkele voorbeelden van risico's die bij het piercen of ten gevolge van een piercing bestaan:

  • allergie voor het metaal (vooral nikkel) van de piercing

  • allergie voor het schoonmaakmiddel

  • bacteriële infectie, vooral door Staphylococcus aureus

  • virale infectie (hepatitis B en C, hiv)

  • infectie met parasieten of protozoa door zwemmen

  • uitdroging door chloor in zwemwater

  • erosie van tandvlees

  • overmatig littekenweefsel

  • verslaving aan piercings

Schoonmaken en verzorgen

Er zijn verschillende manieren om een piercing schoon te maken. Bij het schoonmaken van een verse piercing moet men altijd in acht nemen dat een piercing geen normaal wondje is. Voor een goede genezing moet er in de piercing zelf een kunstmatig "tunneltje" of een fistula gemaakt worden en dat kan in bepaalde gevallen maanden duren. Tijdens de genezing is het belangrijk de piercing niet onnodig te irriteren en zo veel mogelijk met rust te laten.

Niet doen:

  • Jodium. Dit levert irritaties op.
  • Sterilon, alcohol, chloorhexidine. Deze producten zijn veel te agressief voor een piercing en zullen het genezingsproces eerder afremmen dan helpen.
  • Draaien of ermee spelen. De piercing draaien is alleen nodig tijdens het schoonmaken. Verder is het verstandig om gewoon van de piercing af te blijven. Het is het beste om de piercing alleen aan te raken met schoon gewassen handen.
     

Wel doen:

  • Voorzichtig wassen met een milde anti-bacteriële zeep
  • Weken in een zeezoutoplossing. Hiervoor is een halve theelepel zeezout op een mok gekookt heet water nodig. Laat de oplossing een beetje afkoelen en week de piercing maximaal tien minuten in het warme water. Voor moeilijke plekken zoals de bovenkant van het oor kan een compresje gemaakt worden. Drenk een steriel gaasje in de oplossing en leg deze op de piercing.
    In plaats van deze zoutoplossing kan ook een fysiologische zoutoplossing worden gebruikt, te krijgen bij de apotheek.
  • Tea-tree olie. Dit is een etherische olie met anti-bacteriële eigenschappen. Er kunnen een paar druppels toegevoegd worden aan een zeezoutoplossing of het kan puur met een wattestaafje worden aangebracht op de piercing. Er bestaan producten die speciaal gemaakt zijn voor de nazorg van piercings.
Door ophoping van bacteriën kunnen piercings muf gaan ruiken, hier zijn gelukkig ook artikelen voor op de markt. Artikelen als Smelly Gelly en Funk Off piercing deodorant werken hier uitstekend voor.
 

Niet elke nazorgmethode is geschikt voor elke piercing en deze lijst is niet volledig. De drager kan zich het best door een piercer laten adviseren over de beste nazorg voor de desbetreffende piercing.


Top